Nieuws en Publicaties
21/06/2022
Economische Publicaties

Risicobarometer per land en per sector - Q2 2022

A recession to avoid stagflation?

Vier maanden na het begin van de oorlog in Oekraïne kunnen al enkele eerste lessen worden getrokken: het conflict, dat nog lang zal aanslepen, heeft het geo-economische evenwicht in de wereld al verstoord en nieuwe tektonische bewegingen op gang gebracht waarvan de gevolgen, die ongetwijfeld aanzienlijk zullen zijn, nog moeilijk te onderscheiden en te omschrijven - laat staan te kwantificeren zijn. Op korte termijn verergert de oorlog, zoals wij onlangs hebben uiteengezet, de spanningen in een productiesysteem dat reeds zwaar is beschadigd door twee jaar pandemie, en verhoogt hij het risico van een harde landing van de wereldeconomie. Terwijl deze laatste enkele weken geleden nog met stagflatie leek te worden bedreigd, heeft de verandering van toon van de belangrijkste centrale banken, geconfronteerd met een voortdurende versnelling van de inflatie, het vooruitzicht van een nieuwe recessie weer doen opleven - vooral in de geavanceerde economieën.

 

Hoewel de extreem hoge volatiliteit die in maart/april werd waargenomen, plaats heeft gemaakt voor een relatieve stabilisatie - gemiddeld genomen - van de grondstoffenprijzen, zijn deze laatste nog steeds zeer hoog (met name levensmiddelen en energie) en zullen zij dit waarschijnlijk blijven zolang de groei van de wereldeconomie niet aanzienlijk vertraagt. De manoeuvreerruimte aan de aanbodzijde wordt steeds kleiner, aangezien de uitvoerbeperkingen voor voedingsproducten zich opstapelen, terwijl de westerse sancties (en de Russische tegensancties) nu tegen alle vormen van energievoorziening zijn gericht. Een aanhoudende of versterkte doorwerking van de stijgingen van de inputprijzen in de prijzen van goederen en diensten (die in sommige landen/sectoren nog in de kinderschoenen staat) lijkt onvermijdelijk, vooral omdat de loondruk, gezien de huidige context, zal toenemen. Met andere woorden, het risico van stagflatie is aanzienlijk toegenomen en de eerste tekenen ervan kunnen reeds worden waargenomen.

De ECB heeft dan ook, in navolging van de Amerikaanse Federal Reserve en de Bank of England, geleidelijk aan een strakker beleid gevoerd, dat zelfs zover gaat dat zij haar toekomstige renteverhogingen voor het einde van het jaar heeft aangekondigd. Net als de andere grote centrale banken (met uitzondering van de Bank of Japan) heeft de ECB, binnen het strikte kader van haar mandaat, geen andere keuze dan haar waakzaamheid aanzienlijk te verscherpen, ondanks het feit dat dit tot een brutale vertraging van de activiteit zou kunnen leiden en de vrees voor een nieuwe Europese staatsschuldcrisis weer zou kunnen aanwakkeren. De ECB heeft deze vrees echter onmiddellijk weggenomen door haar voornemen te bevestigen om een buitensporige versplintering van de financiële markten te voorkomen.

Ons basisscenario gaat echter niet uit van deze extreme ontwikkelingen: in overeenstemming met de huidige consensus zal de economische activiteit naar verwachting geleidelijk afnemen, waardoor ook de consumentenprijzen zullen dalen. Meer in het algemeen denken wij dat een zachte landing van de wereldeconomie nog steeds mogelijk is, hoewel veel onwaarschijnlijker dan aan het begin van het jaar: de rand die zowel een recessie als een stagflatie zou kunnen voorkomen, wordt smaller en de verleiding om de eerste uit te lokken om de tweede te vermijden, wordt groter. De prijs die in geval van mislukking moet worden betaald, zal bijzonder hoog zijn, aangezien de beleidsmix bijzonder onduidelijk en destabiliserend zou worden, tussen monetaire soberheid en budgettaire compensatie. In feite is er geen reden om de mogelijkheid uit te sluiten dat wij, door te trachten het ene ten koste van het andere te vermijden, uiteindelijk op beide uitkomen.

In dit complexe internationale klimaat hebben wij de rating van 19 landen verlaagd, waarvan 16 in Europa - Duitsland, Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk en Spanje in het bijzonder - en die van slechts 2 landen verhoogd (Brazilië en Angola). Per sector bekeken blijkt uit het aantal verlagingen dit kwartaal (75 in totaal tegen 9 opwaarderingen) dat de opeenvolgende schokken zich geleidelijk over alle sectoren verspreiden, zowel de energie-intensieve (petrochemie, metaal, papier, enz.) als de sectoren die meer rechtstreeks met de kredietcyclus te maken hebben (bouw). Nu de horizon steeds donkerder wordt, zijn de risico's uiteraard neerwaarts gericht en kan geen enkel scenario worden uitgesloten.

 

Download nu onze volledige publicatie

 

 

 

 

 

 

Deze publicatie downloaden : Risicobarometer per land en per sector - Q2 2022 (7,61 MB)

Contact


Kris Degreef

Media Contact
Vorstlaan, 100 Boulevard du Souverain
B-1170 Brussels
BELGIUM
Mail: Kris.degreef@coface.com 

Naar boven
  • Nederlands
  • Français
  • English