Insolventies van COE-bedrijven nemen toe.

Diverse economische omstandigheden, steunmaatregelen en wetswijzigingen hebben de insolventietrends in de regio Centraal- en Oost-Europa (COE) de afgelopen twee jaar beïnvloed.

A few facts

 

  • Het aantal bedrijfsfaillissementen in Centraal- en Oost-Europa (COE) is in 2021 gestegen en bereikte in de meeste landen bijna het niveau van voor de pandemie, na een daling van de procedures in 2020. 
  • In zeven landen lag het aantal faillissementen hoger (Bulgarije, Tsjechische Republiek, Hongarije, Litouwen, Polen, Roemenië en Slowakije) en in vijf landen was er sprake van een daling (Kroatië, Estland, Letland, Servië en Slovenië).
  • Als gevolg van de geleidelijke afschaffing van de COVID-steunmaatregelen en de gevolgen van de oorlog tussen Rusland en Oekraïne wordt verwacht dat het aantal bedrijfsfaillissementen in COE de komende kwartalen zal toenemen.

 

Diverse economische omstandigheden, steunmaatregelen en wetswijzigingen hebben de insolventietrends in de regio Centraal- en Oost-Europa de afgelopen twee jaar beïnvloed. De COVID-pandemie leidde tot een economische neergang, met een daling van de regionale groei met 4%. Hoewel het aantal bedrijfsfaillissementen in de COE-landen tijdens deze inkrimping is gedaald, was dit te danken aan massale steunmaatregelen van de overheid voor gezinnen en bedrijven. "In 2021 was er in de regio sprake van een toegenomen groei (5,5%), maar dit momentum zal dit jaar naar verwachting afnemen met een voorspelde groei van 3,2%", aldus Grzegorz Sielewicz, econoom voor Centraal- en Oost-Europa bij Coface. "Alle COE-landen zullen waarschijnlijk te lijden hebben onder de directe en indirecte gevolgen van de oorlog tussen Rusland en Oekraïne. De Baltische landen zullen de zwakste groeicijfers laten optekenen wegens hun handelsbetrekkingen met Rusland".

 

Afbouw van steunmaatregelen en aanhoudend moeilijk klimaat leiden tot toename van faillissementen

 

Na een daling van het aantal bedrijfsfaillissementen in de regio in 2020 is het aantal faillissementsprocedures in 2021 gestegen en bijna teruggekeerd naar het niveau van vóór de pandemie. Deze stijging was verwacht omdat de regeringen van plan waren de massale steunmaatregelen af te bouwen. Het gewogen gemiddelde van het bbp, berekend op basis van de insolventiedynamiek van de landen, wijst op een stijging van 34,7% in 2021 in vergelijking met het jaar eerder (+1,5% exclusief Polen, waar het totale aantal procedures vooral als gevolg van nieuwe werkwijzen sterk is gestegen).

In zeven landen lag het aantal faillissementen hoger dan het jaar eerder (Bulgarije, Tsjechische Republiek, Hongarije, Litouwen, Polen, Roemenië en Slowakije) en in vijf landen was er sprake van een daling (Kroatië, Estland, Letland, Servië en Slovenië). Polen kende een bijna verdubbeling van het aantal procedures, grotendeels als gevolg van een sterke toename van specifieke procedures ter ondersteuning van bedrijven die te kampen hadden met liquiditeitsproblemen als gevolg van de pandemie. Ondanks een dergelijke stijging bedroeg het insolventiepercentage in Polen, d.w.z. het aandeel van het totale aantal procedures in het totale aantal actieve ondernemingen, 0,06%, wat betekent dat slechts 6 van de 10 000 ondernemingen in Polen de beschikbare officiële procedures doorliepen. 

Veel hogere insolventiecijfers werden opgetekend in landen waar het gebruik van insolventieprocedures algemener is, nl. +1,61% in Kroatië en +3,31% in Servië.

De wereldwijde economische situatie van de afgelopen twee jaar vormde een uitdagende omgeving voor COE-ondernemingen. Het economisch herstel dat medio 2020 was ingezet, verliep sneller dan verwacht en leidde tot een sterke stijging van de vraag, vooral de verwerkende industrie. De prijzen van energiegrondstoffen, vervoer en diverse metalen en inputs die in het productieproces worden gebruikt, stegen snel. In sommige gevallen werd het productieniveau door tekorten beperkt. Het duidelijkste voorbeeld komt van de halfgeleiders, waarvan het tekort leidde tot een vermindering van het aantal ploegen en tijdelijke sluitingen van de autofabrieken van verschillende automerken hebben geleid. Door de hogere energie- en brandstofkosten en de gestegen prijzen van productiemiddelen daalde de winstgevendheid van de bedrijven. Deze mondiale ontwikkelingen zijn van toepassing op COE-bedrijven omdat ze betrokken zijn bij verschillende aanvoerketens en omdat de regio belangrijke handelsbetrekkingen heeft met West-Europa. 

 

Van de ene crisis naar de andere

Hoewel de pandemie van het coronavirus nog steeds voortduurt, worden de economieën en het bedrijfsleven met een andere uitdaging geconfronteerd: De grootschalige Russische invasie in Oekraïne heeft de energieprijzen meteen de hoogte in gejaagd, aangezien Europa afhankelijk blijft van de invoer van olie, aardgas en steenkool uit Rusland. Bovendien zijn beide landen belangrijke producenten en exporteurs van landbouwgrondstoffen. De landbouw- en voedingsmiddelenproductie is ook afhankelijk van de meststofprijzen, die eveneens stroomversnelling zijn gekomen, en de COE-regio is afhankelijk van uit Rusland en Wit-Rusland ingevoerde meststoffen. Bovendien hebben de hogere wereldmarktprijzen en de metaaltekorten ten gevolge van de oorlog de verstoringen van de bevoorradingsketen nog verergerd. Deze factoren hebben geleid tot een verdere stijging van de energie- en inputprijzen voor het bedrijfsleven, ook in de COE-landen. Voorts is de uitholling van de koopkracht van de gezinnen ook een punt van zorg voor hun mogelijke klantenbasis. De economieën van de COE-landen hebben te maken gehad met een versnelde inflatie, die vooral te wijten is aan de gestegen energieprijzen, maar ook aan de stijgende voedselprijzen.

 

Rusland blijft een belangrijke handelsbestemming voor de COE-regio, vooral voor de Baltische landen. De totale uitvoer en invoer met Rusland vertegenwoordigde in 2021 15,1% van het Litouwse bbp. Bovendien heeft de Russische inval in Oekraïne een enorme humanitaire crisis met economische repercussies teweeggebracht. Hoewel alle COE-landen in 2022 naar verwachting lagere groeicijfers zullen optekenen dan vóór de oorlog, kan de instroom van Oekraïense vluchtelingen de regionale groei ondersteunen, althans op korte termijn. 

 

“Gezien deze uitdagingen verwachten we dat de toename van het aantal faillissementen van bedrijven de komende kwartalen zal aanhouden”, legt Jarosław Jaworski, Regional CEO voor Coface Centraal- en Oost-Europa, uit. "De gevolgen van de oorlog tussen Rusland en Oekraïne zullen deze toename versnellen, vooral omdat het onwaarschijnlijk is dat op grote schaal steunprogramma's voor plaatselijke bedrijven zullen worden uitgevoerd, zoals het geval was tijdens de lockdowns in verband met het coronavirus."

Schrijvers en experts