Barometer Q3 2021: Wereldwijd herstel gehinderd door verstoring van toeleveringsketens en inflatie.

Ontdek de uitdagingen van het wereldwijde herstel met de Barometer van Q3 2021. Tegenwinden in de toeleveringsketen en inflatie belemmeren economische vooruitgang.

Meer dan 18 maanden na het begin van de wereldwijde recessie wegens de Covid-pandemie zet het economisch herstel door. Deze tendens is voor een groot deel te danken aan de vorderingen van de vaccinatiecampagnes in de zomer, met name in de ontwikkelde economieën. Dit heeft geleid tot een opleving van diensten met een hoog contactgehalte. De situatie blijft heterogeen in de opkomende economieën: de opleving komt ten goede aan de exportlanden, terwijl de dienstengeoriënteerde economieën achterop blijven hinken.

Ondanks deze positieve vooruitzichten zijn er steeds meer tekenen dat het wereldwijde herstel aan kracht inboet. De gevolgen van de epidemie in kritieke schakels van de toeleveringsketen hebben geleid tot verstoringen van de bevoorrading, waardoor de prijsdruk nog is toegenomen. Deze verstoringen beginnen hun weerslag te hebben op de productie en de verkoop van fabrikanten over de hele wereld. Problemen in de bevoorrading, tekorten aan arbeidskrachten en inflatie, alsmede de aanhoudende dreiging van Covid-19, vullen de lijst van risico’s en onzekerheden aan.

In het licht van het aanhoudende herstel heeft Coface zijn risicobeoordelingen voor 26 landen, waaronder Duitsland, Frankrijk, Italië, Spanje, Zwitserland en België, naar boven bijgesteld. De kracht van de uitvoer van industrieproducten naar geavanceerde markten leidt tot hogere waarderingen voor de exporterende economieën van Midden- en Oost-Europa (Polen, Hongarije, Tsjechië), Azië (Zuid-Korea, Singapore, Hongkong) en Turkije. Nadat vorig jaar 78 landenrisicobeoordelingen naar beneden werden bijgesteld, komen deze 26 opwaarderingen bovenop de 16 die al in de eerste helft van 2021 werden doorgevoerd. Zij gaan samen met 30 positieve herindelingen van sectorale beoordelingen.

 

Vooruitgang op het gebied van vaccinatie bevordert nog steeds het herstel.

De wereldwijde economische trends die in onze vorige barometer werden belicht, werden in het derde kwartaal grotendeels bevestigd. Vooruitgang op het gebied van vaccinatie in West-Europa en Noord-Amerika heeft verdere golven van mobiliteitsbeperkingen voorkomen en geeft reden tot optimisme dat verdere lockdowns kunnen worden vermeden. De dreiging is echter niet geweken: de lagere vaccinatiegraad in de opkomende markten – met name in landen met lage inkomsten – houdt nog steeds het risico in van het ontstaan van varianten die resistent zijn tegen de thans beschikbare vaccins.

 

De wereldwijde industriesector heeft zich sinds medio 2020 snel hersteld onder impuls van de toegenomen uitgaven voor consumptiegoederen. Dankzij de robuuste vraag van de gezinnen blijven de sterke handelsstromen een belangrijke steunpilaar voor de economische groei, vooral in Azië en de Stille Oceaan. De vraag naar elektronica en basisproducten is gunstig voor verschillende markten in de regio, zoals Zuid-Korea en Taiwan. Ook de economieën van verscheidene belangrijke exporteurs van basisproducten (Rusland, Oekraïne, Zuid-Afrika, Chili, Algerije, enz.) worden ondersteund door de stijgende prijzen. In de landen van Midden- en Oost-Europa zijn het concurrentievermogen van de uitvoer van de regio en de brede integratie in de Europese waardeketens eveneens bevorderlijk voor de groei van de uitvoer.

 

Wat de sectorale tendensen betreft, dragen de versoepeling en opheffing van de beperkingen in de landen met de hoogste vaccinatiegraad bij tot een verschuiving in de gezinsuitgaven naar diensten met een hoog contactgehalte, zoals kleinhandel, horeca en vrijetijdsbesteding. Het herstel van de toeristische sector blijft moeilijker. 

 

Verstoringen in bevoorradingsketens en inflatie temperen de dynamiek van het herstel.

Toch is er sprake van toenemende tegenwind, met name aan de aanbodzijde. Het hoge spaarniveau in landen met hoge inkomsten heeft geleid tot een snel herstel van de consumentenbestedingen. Tegelijkertijd hebben de door de pandemie veroorzaakte verstoringen geleid tot verstoringen in de toeleveringsketens die de bedrijfsactiviteit belemmeren. De concurrentie om grondstoffen en productiemiddelen is hevig, waardoor de industriële productie wereldwijd wordt beperkt en in sommige gevallen de verkoop wordt beïnvloed. Dit geldt met name voor het tekort aan halfgeleiders, dat gevolgen heeft voor een brede waaier aan industrieën, van de automobielsector tot de informatie- en communicatietechnologie, zowel in geavanceerde als in opkomende economieën.

De grondstoffenprijzen, de kosten voor productiemiddelen en de vrachttarieven zijn sinds de zomer van 2020 fors gestegen. De prijzen van veel grondstoffen hebben records gebroken. Dit is het geval voor energie – met name door de sterke stijging van de gasprijzen in Europa en Azië – en voor de metaal-, hout- en voedselprijzen. De algemene stijging van de prijzen van grondstoffen en basisproducten heeft ook geleid tot een stijging van de consumptieprijzen. De geharmoniseerde inflatie in de eurozone bedroeg in september 3,4%, het hoogste niveau in 13 jaar. Deze ontwikkeling sluit aan bij een stijging van de inflatie in de meeste delen van de wereld, met name in de VS, waar het inflatiecijfer in de laatste vier maanden voor september eveneens een recordhoogte van 5,4% bereikte. Verwacht wordt dat de inflatie in de geavanceerde economieën binnenkort haar hoogtepunt zal bereiken, maar de risico’s nemen toe.

Het inflatieprobleem kan worden bemoeilijkt door berichten over tekorten op de arbeidsmarkt, waarbij bedrijven hogere lonen bieden om vacatures op te vullen. Hogere arbeidskosten kunnen leiden tot aanhoudende inflatoire druk. Geconfronteerd met dit risico hebben sommige centrale banken – waaronder de Amerikaanse Federal Reserve en de Bank of England – reeds te kennen gegeven dat het einde van het bijzonder ruime monetaire beleid nabij is. In Europa houdt de ECB de inflatiedynamiek weliswaar nauwlettend in het oog, maar blijft een verstrakking van het monetaire beleid een vooruitzicht op de langere termijn.  In de opkomende economieën hebben verscheidene centrale banken de afgelopen maanden hun referentietarieven moeten verhogen uit bezorgdheid over de stijgende inflatie.

In de geavanceerde economieën zal de budgettaire kant van de vergelijking gunstig blijven. In West-Europa zullen veel regeringen hun economieën tot het eind van het jaar blijven steunen, maar zal het EU-stimuleringsfonds van 750 miljard euro geleidelijk worden uitgegeven. In de VS zijn de volgende stappen in de budgettaire reactie nog onzeker omdat een aantal belangrijke elementen van de economische agenda van president Joe Biden nog steeds in het Congres worden besproken.

 

The Chinese economy is experiencing some turbulence

Wat de wereldeconomie betreft, vertoonde de Chinese economie tekenen van vertraging naarmate de tweede helft van 2021 naderde. In het derde kwartaal groeide het bbp met 4,9% ten opzichte van het voorgaande jaar, het traagste tempo sinds het derde kwartaal van 2020. Op kwartaalbasis is de activiteit zeer licht toegenomen (+0,2%). Wij verwachten dat de Chinese economie dit jaar met 7,5% zal groeien en gaan uit van een zwakke bbp-groei in het laatste kwartaal.

Verscheidene factoren liggen aan de basis van de vertraging van de Chinese economische activiteit: de verstrakking van het beleid inzake kredietgroei, de vertraging van de binnenlandse consumptie en de rantsoenering van energie voor de industrie. Er moet ook rekening worden gehouden met "dubbele koolstof"-doelstellingen van China, die hebben geleid tot beleidsmaatregelen ter beperking van de staalproductie, aangezien deze sector goed is voor ongeveer 15% van de koolstofemissie van het land. Als gevolg daarvan is het volume van de maandelijkse staalproductie gedaald van bijna 100 miljoen ton in mei tot 83,2 miljoen in augustus en voor 2021 worden verdere dalingen van de staalproductie verwacht.

Gezien de rol van China in de internationale handel en de regionale toeleveringsketens zou een economische vertraging aanzienlijke risico's inhouden voor de economische activiteit in Azië, maar ook in andere opkomende markten in Latijns-Amerika, het Midden-Oosten en Afrika.

Schrijvers en experts